Monnickendam, Martin

(Amsterdam 1874 - 1943 Amsterdam)

a. Studie van gieren, ca. 1900/10; zwart krijt en pastel, 32,5 x 26,5 (langdurig bruikleen Stichting Martin Monnickendam).

Monnickendam, wiens vader boekhouder en firmant van een handel in lederwaren was, kreeg zijn opleiding aan de Rijksakademie (1891-93). Vervolgens maakte hij met twee vrienden een reis naar Londen en trok vervolgens naar Parijs, waar hij twee jaar bleef en veel optrok met Klaas van Leeuwen en Pieter Dupont, die daar in dezelfde periode verbleven. Na terugkeer naar Nederland vestigde hij zich weer in Amsterdam en werd hij lid van Arti et Amicitiae en Sint Lucas, waarbij hij regelmatig ging exposeren, al spoedig met veel succes. In 1900 kreeg hij een Koninklijke Subsidie, waarna hij in 1901 deelnam aan de wedstrijd om de Prix de Rome en de zilveren medaille behaalde. In 1902 kreeg hij een premie uit het Willink van Collenfonds. Daarna evolueerde zijn stijl zich in een wat modernere richting en rond 1905 werd hij door diverse critici tot het kamp van de luministen gerekend, van welke stroming Jan Sluijters en Piet Mondriaan als de belangrijkste voormannen golden. Omdat hij echter minder uitgesproken fauvistisch werkte dan zij, werd hem dit niet al te zwaar aangerekend, zoals blijkt uit zijn verkiezing tot stemhebbend lid van Arti in 1907. In de jaren die volgden ontwikkelde hij langzamerhand zijn karakteristieke, zeer persoonlijke en direct herkenbare schildertrant, die gekenmerkt wordt door een vrij zwaar koloriet en een zeer dikke, pasteuze verfopbreng die soms haast reliëf-achtig aandoet. Zijn loopbaan verliep hierna zeer voorspoedig, zodat hij na de Eerste Wereldoorlog tot de best verkopende kunstenaars van Nederland ging behoren. Op vele tentoonstellingen in binnen- en buitenland, tot in Amerika aan toe, werden zijn schilderijen met veel waardering onthaald en regelmatig onderscheiden (o.a. gouden medailles in München in 1909, in Amsterdam in 1912 en in Parijs in 1937 op de Wereldtentoonstelling).

b. Straatje in Rothenburg (Duitsland), 1922; waterverf en waskrijt, 38,5 x 26,5 (langdurig bruikleen Stichting Martin Monnickendam).

Monnickendam heeft zeer uiteenlopende onderwerpen uitgebeeld, waaronder een groot aantal stadsgezichten en straatscènes, waarvoor hij vaak in het buitenland inspiratie opdeed. Verder heeft hij ook verscheidene portretten en enkele stillevens vervaardigd. Het bekendst is hij echter geworden door zijn uitbeeldingen van feestelijke gebeurtenissen in de open lucht en zijn interieurs van theaters, cafés en andere openbare ruimten. Als weinig anderen wist hij de sfeer hiervan over te brengen, speciaal wanneer hij ze in waterverf weergaf. In dit medium, dat hem niet de kans gaf om te lang door te werken (zoals hij in zijn olieverfschilderijen nog wel eens deed), heeft hij veruit zijn beste werk gemaakt. Voorts heeft hij geëtst (voornamelijk in het begin van zijn loopbaan) en enkele affiches gelithografeerd.

Dit artikel (van de hand van Jan Jaap Heij) is met toestemming van de rechthebbenden (Drents Museum en uitgever WBOOKS BV) ontleend aan het boek 'Vernieuwing & Bezinning' dat niet meer zal worden herdrukt.

ab. Fotodienst Provincie Drenthe