Schwartzenberg en Hohenlandsberg, Bertha Jacoba Gottliebe thoe (Bertha)

(Lodenau 1891 - 1993 Hilversum)

a. Ineengedoken zittende vrouwenfiguur, ca. 1915/20; gips, hoogte 26.

Bertha thoe Schwartzenberg werd geboren als zevende kind van een Friese edelman die ook een landgoed in Silezië had. Een groot deel van haar jeugd bracht ze door bij een tante in Hilversum, die haar belangstelling voor beeldhouwen stimuleerde en een eigen atelier voor haar liet bouwen. Vanaf 1908 kreeg ze privéles in beeldhouwen van Joseph Mendes da Costa, die toen in Laren woonde, en enige tijd later ging ze tekenles nemen bij de schilder Klaas Koster (1885-1969) in Bussum. Samen met hem volgde ze met veel belangstelling de cursussen van H.P. Bremmer, die haar vervolgens raad begon te geven bij haar eigen werk. Rond de Eerste Wereldoorlog kreeg ze langzamerhand enige naam als beeldhouwster en ze werd daarom in 1918 betrokken bij de oprichting van Nederlandsche Kring van Beeldhouwers, waarmee ze regelmatig zou exposeren (ze is tot 1951 lid van de Kring gebleven). Ondertussen was er een warme vriendschap met Koster ontstaan, die ertoe leidde dat ze in 1920 met hem in het huwelijk trad. Samen vestigden ze zich in Hilversum en werden lid van enkele Gooise kunstenaarsverenigingen. Na de oorlog zou ze ook lid van Arti et Amicitiae worden.

b. Portret van oudere heer, ca. 1930l brons, 14,5 x 11.

Thoe Schwartzenberg heeft slechts een vrij klein oeuvre op haar naam staan, dat grotendeels voor 1940 tot stand is gekomen. Het bestaat in hoofdzaak uit portretten (koppen, bustes en enkele plaquettes), dierplastieken en figuurstudies van bescheiden afmetingen. Monumentaal werk en vrijstaande beelden van groot formaat heeft ze nooit gemaakt. Haar vroege werk is vrij streng gestileerd en laat de invloed van Mendes da Costa duidelijk blijken. Haar latere beelden zijn wat ronder en vloeiender van vorm. Omdat ze financieel onafhankelijk was en omdat het in het milieu waaruit ze afkomstig was voor een vrouw niet gepast werd geacht in haar eigen onderhoud te voorzien, heeft Thoe Schwartzenberg zelden iets verkocht en ook nooit veel moeite gedaan haar werk onder de aandacht te brengen. Ze is daarom nauwelijks bekend geworden en in weinig museumcollecties vertegenwoordigd. Door de onmiskenbare kwaliteit van haar beelden telt ze echter wel degelijk mee binnen de Nederlandse beeldhouwkunst van de eerste helft van de 20ste eeuw.

Dit artikel (van de hand van Jan Jaap Heij) is met toestemming van de rechthebbenden (Drents Museum en uitgever WBOOKS BV) ontleend aan het boek 'Vernieuwing & Bezinning' dat niet meer zal worden herdrukt.

ab. Tom Haartsen, Ouderkerk a/d Amstel