Mook, Henricus Theodorus Johannes (Harry) van

(Culemborg 1888 - 1955 Maastricht)

a. Zelfportret, 1915; olieverf op doek, 41,5 x 41.

Van Mook werd geboren als zoon van een bierbrouwer, die echter overleed toen hij nog maar twee jaar oud was. In 1906 verhuisde hij met zijn moeder en zuster naar Amsterdam, waar hij de lessen ging volgen op de avondtekenschool van de Sint Josef-gezellen. In 1910 schreef hij zich in aan de Rijksschool voor Kunstnijverheid, maar hij stapte al na korte tijd over naar de Rijksnormaalschool. In 1913 behaalde hij zijn MO-akte en kon meteen daarop een aanstelling als tekenleraar krijgen aan een katholieke meisjesschool. In de avonduren volgde hij ondertussen de lessen aan de Rijksakademie, waar hij zich onder meer bekwaamde in de verschillende grafische technieken. In 1919 verruilde hij zijn betrekking bij de meisjesschool voor een docentschap aan de Amsterdamse Grafische School, een beroepsopleiding voor het drukkersvak waaraan hij tot zijn pensionering in 1953 verbonden zou blijven. De laatste paar jaar van zijn leven woonde hij in Maastricht.

b. twee papegaaien, ca. 1925; kleurenaquatint, 25 x 32.

In zijn vrije tijd was Van Mook een enthousiast schilder en aquarellist, voornamelijk van landschappen, stadsgezichten en haventaferelen, die zeker verdienstelijk zijn, maar zelden erg spectaculair. Interessanter is zijn grafische oeuvre, dat in hoofdzaak uit etsen bestaat, die vaak gecombineerd zijn met aquatint. Deze maakte hij niet alleen voor zijn eigen plezier, maar ook om als voorbeelden te gebruiken in zijn lessen over grafische technieken. Vooral in het gebruik van aquatint raakte hij zeer bedreven en hij heeft in deze techniek enkele opmerkelijke prenten vervaardigd, die een voor diepdruk ongebruikelijke kleurintensiteit hebben.

Dit artikel (van de hand van Jan Jaap Heij) is met toestemming van de rechthebbenden (Drents Museum en uitgever WBOOKS BV) ontleend aan het boek 'Vernieuwing & Bezinning' dat niet meer zal worden herdrukt.