Kreunen, Jan

(Haarlem 1892 - 1918 Haarlem)

a. Theemuts, ca. 1915; borduurwerk op wol, hoogte ca. 25.

Kreunen kreeg zijn opleiding aan de Haarlemse Kunstnijverheidsschool, waar hij o.a. les kreeg van Chris Lebeau. In 1912 vertrok hij naar Duitsland om in Darmstadt assistent te worden van J.E. Margold, een leerling van Josef Hoffmann en medewerker van de Wiener Werkstätte. Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog keerde Kreunen naar Haarlem terug en vestigde zich als freelance-ontwerper van o.a. textiel en drukwerk. Zijn werk viel al gauw in de smaak; zo liet de Verkade-fabriek hem de decoratie van enkele koektrommeltjes en voorraadblikken verzorgen, terwijl het warenhuis De Bijenkorf en de ‘Zuid-Hollandsche Vereeniging voor Kunstnijverheid’ een aantal van zijn stofontwerpen lieten uitvoeren (door respectievelijk de firma Sillevolt & Kesting en de Kralingsche Katoenmaatschappij, beide in Rotterdam).

b. kussensloop, ca. 1917; bedrukt katoen, 54 x 39.

Verder ontwierp hij advertenties en reclamedrukwerk, waaronder enkele affiches en een serie kalenders, voor enkele, voornamelijk Haarlemse bedrijven. De naaldkunstenares Ita Mees (1891-1971), met wie hij zich in 1917 had verloofd, voerde een aantal van zijn borduurontwerpen uit, die volgens overlevering zeer goed verkochten. Terwijl zijn carrière net goed op gang begon te komen, werd hij in 1918 getroffen door de Spaanse griep, die toen heftig woedde. Onverwachts en nog maar 26 jaar oud overleed hij, tot grote ontsteltenis van vrienden en collega’s.

c. Sigarenkist-etiket, 1917; kleuren-litho, 12,2 x 11.

Kreunens werk wordt gekenmerkt door een vrolijke, vaak nogal drukke vormgeving, die laat blijken dat invloed van de Wiener Werkstätte hem niet onberoerd heeft gelaten. Zijn voorkeur voor een strakke, geometrische opbouw, waarvan de strengheid echter door allerlei speelse motiefjes vaak weer wordt afgezwakt, doet hem kennen als een overgangsfiguur tussen de ‘constructieve’ richting in de Art Nouveau en de Amsterdamse School. Zijn kleine oeuvre vertoont – hoe kan het ook anders – nog een zekere onrijpheid, maar laat tevens al duidelijk een eigen gezicht zien en doet de beschouwer zich onwillekeurig afvragen hoe hij zich verder zou hebben ontwikkeld.

Dit artikel (van de hand van Jan Jaap Heij) is met toestemming van de rechthebbenden (Drents Museum en uitgever WBOOKS BV) ontleend aan het boek 'Vernieuwing & Bezinning' dat niet meer zal worden herdrukt.

a. Fotodienst Provincie Drenthe
bc. Tom Haartsen, Ouderkerk a/d Amstel